Wat is realiteit?

In het kort: Onze werkelijkheid is een illusie (hieronder omschrijf ik verschillende lagen van de illusie). Wat er werkelijk is kunnen we vanuit het perspectief van mens niet ervaren. Onze werkelijkheid is onze voorstelling (of model) van de veel complexere realiteit. Dit besef brengt een definitieve onderliggende onwetendheid met zich mee. Van daar uit kun je theorien opbouwen, testen, afbreken en weer bijstellen. Niemand weet “het”, maar er bestaan vele interessant perspectieven.

Definities

"Illusie" wordt vaak geassocieerd met "nep" of "onecht", maar een illusie is iets dat zich anders presenteert dan het werkelijk is. Een goed voorbeeld is de illusionist, die een mens in een kist in 2-en zaagt. Je ziet het voor je ogen gebeuren, maar er gebeurt niet wat je denkt dat er gebeurt. Voor iemand zonder kennis van de act, lijkt het tovenarij, maar je mist de kennis van de truc en doorziet de illusie niet. De act is niet "nep", maar er gebeurt iets anders dan je (brein) verwacht. Je brein "creeert" een samenhang (mens in 2-en) die gesuggereert wordt, maar er niet is. Op een dergelijke (oneindig complexe?) manier "creeert" en interpreteert je brein jouw "werkelijkheid".

Om elkaar te kunnen begrijpen moeten we dezelfde definities, betekenissen van woorden gebruiken. Daarom hier de (in dit onderwerp) de belangrijkste woorden en hoe ik ze interpreteer:
(Let op: het kan zijn dat ik deze termen in oudere artikelen door elkaar gebruik, omdat ook ik lerende ben en geleidelijk aan verfijn.)

1) Realiteit (absolute werkelijkheid)

Het hoogste niveau van wat er werkelijk is. Kort door de bocht is de realiteit een transformerend energieveld, waar wij (jij en/of ik) als mens deel van uitmaken. Je kunt de realiteit proberen te omschrijven in woorden, vangen in cijfers, foto's video. Maar dat alles verbleekt met de realiteit. Een prachtig uitzicht is oneindig gedetailleerder en dieper (qua dimensie en gelaagtheid) dan een foto kan vangen. Neem bijv. alle insecten die zich in het weiland bevinden. De foto pakt in de tijdelijk fragment slechts een deel vanuit één perspectief af.

Het leven van een mens speelt zich volledig af in zijn of haar hoofd. We kunnen (bij mijn weten) niet buiten ons lichaam treden en ervaren de realiteit dus alleen via onze zintuigen. Met deze zintuigen bouwen we van baby af aan een model op van de omgeving waarin wij ons bevinden. Wanneer je een boom aanraakt, bots de energie van jouw hand met die van de boom. Het energieveld van de boom is er. Een goede manier om dit deels te begrijpen is om te kijken hoe een vleermuis kijkt. Met een geluidje vangt hij de echo/weerkaatsing op en daarmee maakt hij in zijn hoofd een model van de ruimte. Daar zit een muur en daar is open ruimte. De vleermuis ziet niet de muur zoals wij hem zien. Ons model is veel gedetailleerder. Wij zien de muur in kleur, voelen de structuur en vormen met die informatie een gedetailleerder model. Veelal zie je de muur niet, maar je weet dat hij er is. Wij mensen maken een complexere "echo" met onze zintuigen en ons brein verwerkt het inclusief kennis, associaties, verwachting en verbeelding tot dat wat wij zien en ervaren als werkelijkheid. Net als de vleermuis minder (en anders) "ziet" dan wat wij mensen zien, zo zien wij ook verre van wat er daadwerkelijk is. Het is echter heel lastig te "vangen" wat je niet kunt waarnemen. Bijv. magnetisme zien we niet, maar we kunnen wel het effect zien en begrijpen. Bij straling wordt dat al een stuk lastiger. En bij dingen die we helemaal nog niet kennen... vrijwel onmogelijk.

2) Werkelijkheid (de werkelijkheid zoals we die ervaren)

De werkelijkheid is wat we daadwerkelijk waarnemen. In realiteit is “groen” de weerkaatsing van een bepaalde lichtfrequentie. In werkelijkheid is gras groen, in realiteit is de kleur van het gras afhankelijk meer een eigenschap van de belichting (was als we een blauwe ster als zon hadden?) De werkelijkheid komt grotendeels voor ieder mens overeen. Gras is groen, de aarde is rond.

3) Wereldmodel (persoonlijke werkelijkheid)

Het model, de vertaling, vereenvoudiging, die jij van de wereld maakt in je hoofd. De kleur van het gras is alleen groen, vanwege de weerkaatsing van licht, die door jou oog (een zintuig) wordt opgevangen en in je hoofd geclassificeerd wordt als het aangeleerde woordje “groen”. Door een oogafwijking kan het zijn dat jij bepaalde kleuren niet kunt zien en anderen wel. Veel dingen uit jouw persoonlijke wereldmodel zijn voor jou “normaal”, de norm. Hierdoor zul je er zelden bij stil staan, er aan twijfelen of een alternatief overwegen. Bijv. of de wereld is geschapen of geevolueerd. (Zelf zeg ik tussenvorm gegroeid, zoals alles in de natuur).

4) Persoonlijkheid (bewust persoonlijke werkelijkheid)

Wat is jouw mening? Kattenmens? Of Hondemens? Merkbewust of milieubewust? Religieus? Sommige zaken zitten tussen bewust gekozen en ongekozen aangeleerd in. Maar op een bepaalde leeftijd zul je kiezen, ik geloof wel of niet in God, of herdefinieer je het voor wat voor jou goed werkt en/of waar is. Het kan opstandigheid zijn, maar het kan ook zijn dat je groeit, leert en tot nieuwe inzichten komt. De ongelovige wordt gelovig en de gelovige wordt Atheist, het kan beide en gebeurd beide en alle vormen daartussen in.
Zo zul je in de loop der tijd steeds meer zaken gaan bijstellen en (hopelijk) wijsheid vergaren. Vanuit verschillende perspectieven, verschillende persoonlijkheden, verschillende ervaringen, komen verschillende waarheden en krijgt een bepaald oordeel meer waarde. Veelal is het een verhaal om een kern van waarheid heen, dat je brein kloppend probeert te maken vanuit het perspectief waarvandaan je het benadert.

5) Projectie (onbewuste persoonlijke werkelijkheid)

Ben je ooit gebeten door een hond, dan projecteer je misschien angst voor die ene hond, over alle andere honden. Soms gebeurd dat volledig onbewust. Oftewel je wereldmodel wordt sterk beïnvloed en verstoord door wat je (brein) denkt te weten. Projectie kan ook ontstaan uit vooroordelen die je zijn aangeleerd of die je jezelf hebt aangeleerd door middel van kennis die je via boeken, verhalen, films etc tot je neemt. Je kunt niet alles zelf ervaren en als mens probeer je te leren van anderen, maar soms zijn die lessen ook helemaal fout, sterk versimpeld of eenzijdig.

Projectie hoeft overigens niet negatief te zijn, iedereen kent het "Fake it until you make it" principe. Je kunt jezelf ook anders voordoen dan je bent, een andere rol aannemen. Dat is iets wat we in enige mate continu doen, maar je kunt het ook overdrijven en volledig langs de gaan werkelijkheid leven. Zelf zie ik dit een beetje als een elastiek, je kunt het een beetje oprekken, maar wie overdrijft ontvangt uiteindelijk een klap terug, uit onverwachte hoek.

6) Absolute waarheid(?)

En wie heel precies is, zal geen feiten kunnen vangen in de realiteit. “Een appel” is een symbool, een vereenvoudiging, een woord of label voor iets dat eigenlijk onvangbaar is. Handig voor normale communicatie. Doe mij maar een appel. Misschien wil je een specifieke appel van een bepaald ras, uit een bepaald land, die een zoet-zure smaak heeft. Maar elke appel is uniek. Wanneer je een absolute waarheid wilt spreken, kan dat dus vrijwel niet. 1+1 appel zijn 2 appels. Maar je kunt in realiteit niet 2 appels over één kam scheren. In de werkelijkheid is dat wel praktisch. En is het niet eerlijk omdat één groot is en één klein, dan meten we het gewicht. Een kilo is een kilo appels, maar het aantal kan verschillen.

7) Relatieve waarheid

We interpreteren via ons denken de werkelijkheid dualistisch. Alles kent 2 kanten. Als we dorst hebben is water lekker. Als het warm weer is graag een koud glas water en in de winter graag lekker heet water. Of koud of heet water lekker is, hangt dus grotendeels van het moment af. Ipv. "lekker" zou je misschien beter kunnen zeggen dat je lichaam zomers liever verkoelende drank heeft en in de winter een opwarmende drank. Het signaal dat ons lichaam naar ons brein communiceert wordt geassocieerd met dat wat lekker of goed lijkt.

8) Objectieve waarheid

Een vastgelegd feit. Een meetbare en controleerbare waarde die we in overeenstemming vast hebben gelegd. Die grote ster hier vlakbij noemen we de zon. Dat leert ieder kind. Waarom noemen we hem niet "dichtsbijzijnde ster"? Omdat hij voor ons als mens zeer bijzonder is en ooit "zon" is genoemd, iedereen dat leert en iedereen begrijpt wat je bedoelt. Veel andere sterren zijn minder relevant voor ons. Deze ster zorgt voor onze warmte en licht.

Moelijke onpraktische "feiten"

  • Niets staat vast, alles transformeert continu.
  • Hoeveel je als mens ook weet, je weet vrijwel niets in verhouding tot alles.

Wordt nog aangevuld...

Realiteit en waarheid vinden

De realiteit is hier, nu, altijd... met je zintuigen tast je de realiteit af en je creeert daarvan een map of model in je hoofd. Om de realiteit behapbaar te maken voor ons denken, vereenvoudigen we de realiteit. Zo ontstaan symbolen en bijv. stereotypen. Besef je echter dan wanneer je bijv. een persoon tegenover je hebt, je eigenlijk nog steeds een soort van vereenvoudiging waarneemt. Waarschijnlijk heb je geleerd dat fysieke materie bestaat uit allemaal kleine losse deeltjes. Je hebt een model in je hoofd hoe dat werkt, maar je ervaart dat niet. Een stenen muur kan dan wel uit allemaal kleine losse deeltjes bestaan, je kunt er niet doorheen, want die deeltjes worden bijelkaar gehouden (de deeltjes zijn in-formatie).

Het bizarre is ook dat wanneer je iets los bekijkt, je een heel ander perspectief krijgt en er veel informatie verloren gaat.

Wanneer je (beter) begrijpt hoe wij mensen "onze realiteit" ervaren en in beeld brengen, begrijpt je ook meteen hoe lastig (onmogelijk) het is om tot objectieve waarheid te komen.

Fig.1 - Visualisatie van een raam naar "de realiteit".